Meet Mary & Geoffrey

In een eenvoudig houten huisje, waarvan de afgebladderde verf kleur geeft aan de zanderige omgeving, worden we hartelijk ontvangen. Mary en Geoffrey wonen hier met hun drie dochters en zonen. Ze beheren een plantage van 1500 koffieplanten op 2 acres, waarvan 150 planten van Mary zijn. Stiekem wachten we op een kopje koffie, we zijn hier immers op bezoek bij twee koffieboeren van de Kibukwo Fairtrade koffie coöperatie. Maar nee, de koffie en zelfs iets te drinken blijft uit. Hier geen urenlang thee ritueel om de gasten te ontvangen zoals in andere Afrikaanse landen. Ook wel weer rustig, we kunnen gelijk met onze vragen beginnen.

Drinken jullie je eigen koffie? vraagt Timmo Terpstra, CEO van Peeze koffie & thee. “Nee”, horen wij tot onze verbazing. “Wij drinken helemaal geen koffie, dat is veel te duur. En onze eigen koffiebessen die we naar de molen brengen, zien we als geroosterde boon nooit meer terug. Een pak koffie kost wel 6 dollar.” Het blijkt dat er in Kenia geen koffie-, maar een theecultuur is. Voor de jaren vijftig werd er wel koffie gedronken, net zoals in buurland Ethiopië. Maar met de komst van de Britten werd het zwarte goud vervangen door het geliefde drankje van de Engelsen: zwarte thee met heel veel melk.

Waarom verbouwen jullie koffie?

“De koffieteelt is al jarenlang ons vast inkomen, de meeste van onze bonen worden geëxporteerd. De koffieplanten vragen een paar keer per jaar onderhoud, maar niet dagelijks waardoor wij daarnaast ander werk kunnen hebben. Normaliter is van Oktober tot en met December de oogst. Een drukke tijd waarbij wij vrienden en familie om hulp vragen. Maar door de klimaatverandering veranderen de seizoenen en nu blijft al weken de regen uit waardoor de bloemen uitdrogen en de wortels dood gaan. Ik maak me grote zorgen om deze oogst, ik vrees het ergste.” vertelt Geoffrey, die ook fulltime leraar is op een basis school om rond te kunnen komen. “Het grote probleem is de koffieprijs op de wereldmarkt die door het grote aanbod vanuit Brazilië nog nooit zo laag is geweest. Ook zijn er in het Keniaanse koffie systeem te veel tussenhandelaren die allemaal wat bijverdienen, zo blijft er echt heel weinig voor ons over; slechts 44 shilling voor 1 zak bessen, het zou zeker 100 shilling moeten zijn om uit de kosten te kunnen komen en ervan te kunnen leven.”

Wat betekent Fairtrade voor jullie?

“Gelukkig hebben wij doordat we een Fairtrade coöperatie zijn een minimum loon. Helaas wordt een groot gedeelte van onze koffie nog niet als Fairtrade verkocht via de veiling, dus ontvangen we nog geen hoge Fairtrade premie. En om een Fairtrade coöperatie te worden hebben wij ook kosten moeten maken, het kost een aantal jaar voordat we daar de voordelen uit kunnen halen. Nu is het nog overleven en de klimaatverandering helpt daar niet bij. De oplossing zou zijn als de koffiebranders direct van ons zouden kunnen kopen, maar ons politieke systeem laat dat nog niet toe. Via onze coöperatie kunnen wij als het nodig is een lening krijgen om in ieder geval het schoolgeld van de kinderen te kunnen betalen.”

Mary & Sharon Rotich – Woman in Coffee

Sinds enkele jaren heeft Mary 150 koffieplanten van haar man Geoffrey gekregen. Samen runnen ze hun koffieboerderij in Kibukwo, Kenia. Ze zijn lid van de Kibukwo Fairtrade koffie-coöperatie. Mary is ook lid van Woman in Coffee, een door de coöperatie zelf geïnitieerde projectgroep van vrouwen die hun eigen koffieplanten beheren. Het idee kwam voort uit het initiatief van de overheid om meer aandacht en subsidies te geven aan de ‘empowerment’ van vrouwen en jeugd.

Mary vertelt dat zij voor Woman in Coffee volledig afhankelijk was van haar man: “Wij als vrouwen in deze gemeenschap bezaten niets en hadden ook geen inspraak. Nu voel ik me trots en niet meer afhankelijk. Binnen de vrouwengroep lenen we elkaar onderling ook geld uit.” In de gemeenschap van de familie Rotich zijn strenge regels tussen mannen en vrouwen, zo eten mannen nooit samen met vrouwen en kinderen, ook niet in hun eigen huis. Dat zou ongeluk brengen. Het bijgeloof gaat zelfs zo ver dat wanneer een man zijn schoonmoeder ziet, hij haar niet mag ontmoeten. Laat staan met haar praten, alleen op officiële gelegenheden. Gebeurt dat wel per ongeluk op straat dan belooft dat niet veel goeds.

“Door Woman in Coffee zien de mannen nu in dat het belangrijk is om ons wel een stem en aandeel te geven. Onze dochter Sharon heeft op school de richting Landbouw gekozen en heeft nu ook inbreng in hoe wij onze koffieplanten beter kunnen verzorgen. Hoe we door verschillende gewassen te planten de grond minder uitputten en niet meer alleen afhankelijk zijn van de koffieteelt. Sharon leerde ook over het houden van vee en kippen en hoe we onze producten het beste naar de markt kunnen brengen. En daar leer ik ook weer veel van.” Zegt Mary terwijl ze vol trots naar haar dochter Sharon kijkt. Sharon kijkt blij terug: “Wij zijn naast moeder en dochter ook echt vriendinnen. Mijn moeder heeft mij heel sociaal en modern opgevoed, ik vind het fijn om bij haar te zijn.”

Mary heeft na 14 jaar huismoederschap de opleiding voor kleuterjuf gevolgd. Een vak wat ze meerdere keren per week met plezier uitoefent: “Ik voel veel compassie voor jonge kinderen en vind het belangrijk om ze te begeleiden om goede mensen en ouders te worden.”

“Via Woman in Coffee kreeg mijn moeder ook de training Better Life Education, waarbij zij leerde hoe je je eigen zaak kan opzetten en runnen.” vertelt Sharon. “Ik zou heel graag als zelfstandig voedingsdeskundige gaan werken, daarom hoop ik nu ingeloot te worden bij de studie Voeding & Diëtiek. Ik wil graag jongere en oudere mensen leren hoe je gezond eet en goed voor je zelf kan zorgen om een beter leven te hebben.”

 Credits tekst & foto's: Tessa Jol